1. Bestuur en ondersteuning

Inleiding

Het Beuningse bestuur (bestaande uit: raad, commissies en college van B&W) en de ambtelijke organisatie maken onderdeel uit van het programma ‘Bestuur en ondersteuning’. Ook het financiële beleid maakt onderdeel uit van dit programma. Het grootste deel van de gemeentelijke inkomsten is eveneens verwerkt in dit programma.
In dit programma staan ook de personele en materiële overhead, zoals automatisering, gemeentehuis en de gemeentewerf, diverse stelposten en de post onvoorzien voor onverwachte noodzakelijke (kleine) uitgaven.

1. Strategisch kompas
Met het strategisch kompas geven wij richting aan de ontwikkeling van onze gemeente. De gemeenteraad stelt hiervoor de kaders vast. Het kompas maakt duidelijk welke gemeente wij in 2040 willen zijn en welke keuzes daarvoor nodig zijn.

2. Betrouwbare overheid
Wij willen een betrouwbare overheid zijn die zichtbaar, bereikbaar en benaderbaar is. Daarom communiceren wij helder, handelen wij zorgvuldig en leggen wij uit welke keuzes wij maken en waarom. Zo werken wij aan vertrouwen, goede dienstverlening en een bestuur dat duidelijk laat zien waar het voor staat. Iedereen doet mee.

3. Het gemeentebestuur
De gemeenteraad van Beuningen bestaat uit 21 leden, die allemaal inwoner zijn van de gemeente Beuningen. De gemeenteraad is het hoogste bestuurlijke orgaan van de gemeente en vormt samen met de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders het bestuur van Beuningen. De gemeenteraad stelt de financiële en inhoudelijke kaders vast waarbinnen het college het beleid voor Beuningen uitwerkt en uitvoert. Daarnaast controleert de gemeenteraad of het college het beleid op zorgvuldige wijze uitvoert en (onvoorziene) ontwikkelingen tijdig en adequaat oppakt. Ook vervult de gemeenteraad haar volksvertegenwoordigende rol door actief in verbinding te staan met onze kernen en inwoners. Zowel de gemeenteraad als het college van burgemeester en wethouders werken daarbij vanuit de kernwaarden betrokkenheid, verbinding en een mooi plekje.

4. Algemene uitkering uit het gemeentefonds
Gemeente Beuningen krijgt geld van het Rijk via het gemeentefonds. Dit is één van de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. Dit geld mag vrij worden besteed. Het Rijk stelt hieraan geen vaste inhoudelijke eisen. De hoogte van de uitkering wordt bepaald met een ingewikkeld verdeelsysteem. Voor de begroting is uitgegaan van de meest recente cijfers uit de meicirculaire 2026.

Belangrijke ontwikkelingen voor 2027 en verder

Het “ravijnjaar”-effect na 2026
Vanaf 2027 krijgen gemeenten een lagere of minder gunstig groeiende uitkering dan in de jaren daarvoor. Dat komt vooral doordat tijdelijke compensaties stoppen en het nieuwe financieringssysteem verder doorwerkt. Sinds die verandering groeit het gemeentefonds mee met de ontwikkeling van het bbp.
Ook nieuwe of veranderde taken, zoals in het sociaal domein, jeugdzorg of bestaanszekerheid, hebben invloed hebben op het gemeentefonds. Na 2027 is het daarom niet vanzelfsprekend dat de algemene uitkering genoeg meestijgt om hogere kosten en nieuwe taken volledig op te vangen. Daarnaast is de financiering vanuit het Rijk voor de gemeenten steeds vaker incidenteel dat niet bijdraagt aan een meerjarig sluitend begrotingsbeeld.

Huishoudelijke hulp
Het kabinet heeft in de Voorjaarsnota en de meicirculaire vastgelegd dat de huishoudelijke hulp per 1 januari 2029 volledig uit de Wmo moet verdwijnen als standaardvoorziening. Burgers die dit financieel kunnen dragen, moeten dit dan zelf gaan betalen. Voor kwetsbare groepen blijft er een gemeentelijk vangnet bestaan.
Hierdoor krijgen gemeente minder geld uit het gemeentefonds. In de begroting van Beuningen zijn de baten vanaf 2029 met dit bedrag verminderd. Aan de lastenkant is het budget voor de huishoudelijke hulp met hetzelfde bedrag verlaagd. Waardoor dit vooralsnog geen effect heeft. In de komende jaren wordt duidelijker hoe deze regeling er precies uit gaat zien. Dan worden de bedragen in de begroting hierop aangepast. Vanaf 2029 blijft de gemeente wel verantwoordelijk voor mensen die huishoudelijke hulp niet zelf kunnen regelen of betalen. Voor deze groep komt er een vangnet.

Verdeelmodel van het gemeentefonds
Sinds 1 januari 2023 geldt een nieuw verdeelmodel voor het Gemeentefonds. Voor gemeente Beuningen heeft dit vanaf 2025 een nadeel van € 22,50 per inwoner. Dit nadeel moet Beuningen zelf opvangen. Het verschil tussen dit bedrag en het uiteindelijke nadeel van € 41,- per inwoner wordt momenteel nog gecompenseerd via een Suppletie-uitkering uit het Gemeentefonds. Uit verschillende onderzoeken naar de nieuwe verdeling blijkt dat verdere analyse nodig is. Daarom is door het rijk besloten om de volgende stap in het ingroeipad pas per 1 januari 2029 te zetten.

Uitstel vervanging abonnementstarief WMO
De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage Wmo 2015 wordt uitgesteld van 1 januari 2027 naar 1 januari 2028. Daardoor blijft het huidige vaste abonnementstarief voorlopig bestaan. De inkomensafhankelijke bijdrage is één van de maatregelen om de WMO-dienstverlening betaalbaar te houden. Het Rijk wilde in 2027 oorspronkelijk een landelijke korting van honderden miljoenen toepassen op het Gemeentefonds (omdat gemeenten die baten zelf via de nieuwe eigen bijdrage zouden gaan ophalen). Die geplande korting op de algemene uitkering is voor 2027 geschrapt.

CDOKE middelen (Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid)
Het Rijk heeft de CDOKE-uitvoeringsmiddelen voor 2027 overgeheveld naar het Gemeentefonds. De middelen worden niet langer uitgekeerd via een SpUK (specifieke Uitkering) maar via een DU (Decentralisatie-uitkering). Voor 2027 is middels de algemene uitkering € 858.000 beschikbaar gesteld voor Beuningen om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Het totale bedrag op de gemeentelijke begroting blijft hetzelfde, het is een andere financieringssystematiek, echter de juridische bestedingsvrijheid en de verantwoordingsplicht veranderen. Hoe dit geld in 2028 en later precies wordt uitgekeerd, is nog niet bekend. Daardoor is er een stelpost opgenomen.

Hervormingsagenda Jeugd
De gemeente blijft te maken houden met hoge en wisselende kosten voor jeugdzorg. De uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd (2023-2028) loopt, echter de financiële en organisatorische druk tussen het Rijk en de gemeente blijft zeer hoog. Na felle discussies van gemeente richting het Rijk, heeft het kabinet structureel extra middelen toegevoegd aan het Gemeentefonds om de acute tekorten op te vangen. Voor de specifieke uitvoering van de Hervormingsagenda is voor de periode 2025-2027 geld uitgetrokken. Tegelijk blijft de opdracht bestaan om structureel te besparen. De Hervormingsagenda moet uiteindelijke leiden tot een bezuiniging van €1 miljard.  

Meicirculaire 2026
Hieronder ziet u de jaarlijkse fluctuatie van de Algemene Uitkering (AU) vanaf 2027 ten opzichte van de laatste doorrekening (decembercirculaire 2025).

Gemeentefonds

(in € +=voordeel/-=nadeel)

2026

2027

2028

2029

2030

2031

Volgens decembercirculaire 2025

53.545.000

53.841.000

53.511.000

55.058.000

56.894.000

Volgens meicirculaire 2026

53.599.000

55.433.000

54.008.000

54.175.000

56.126.000

57.833.000*

Verschil

54.000

1.592.000

497.000

-883.000

-768.000

Stelpost CDOKE-middelen

858.000

858.000

858.000

Totaal

54.000

1.592.000

1.355.000

-25.000

90.000

* 2031, start nieuw begrotingsjaar

Voor een uitgebreide opbouw van de Algemene Uitkering verwijzen we naar bijlage 5.3 Algemene uitkering.

Deze pagina is gebouwd op 11/04/2026 12:57:53 met de export van 11/04/2026 12:51:11