Financieel perspectief | ||||
|---|---|---|---|---|
Bedragen in € 1.000 (+=baat,voordeel/-=last,nadeel) | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
Saldo Voorjaarsnota 2026 | 2.721 | 552 | 304 | 677 |
Aanpassingen binnen huidig beleid | ||||
- Kapitaallasten | 250 | 812 | 1.053 | 770 |
- Gemeenschappelijke regelingen | -420 | -420 | -420 | -420 |
- Pensioenvoorziening | -231 | 120 | 120 | 120 |
- Overige autonome ontwikkelingen | -519 | -495 | -413 | -281 |
Gemeentefonds | ||||
- Meicirculaire | 1.592 | 497 | -883 | -768 |
- Huishoudelijke hulp | - | - | 1.882 | 1.856 |
- CDOKE | -861 | - | - | - |
Strategische personeelsplanning | -1.326 | -1.337 | -1.278 | -1.327 |
Inzet algemene reserve voor dekking kapitaallasten | - | 300 | 300 | |
Saldo begroting 2027-2030 | 1.206 | -271 | 665 | 928 |
Aanpassingen binnen het huidig beleid
Kapitaallasten
Jaarlijks actualiseren wij bij de begroting de investeringsplanning. Voor de begroting 2027 zien we dat een aantal investeringen in de tijd wordt doorgeschoven. De twee belangrijkste verschuivingen ten opzichte van de oorspronkelijke planning betreffen de nieuwbouw van het zwembad, die verschuift van 2028 naar 2029, en de verbouwing van het gemeentehuis, die verschuift van 2027 naar 2028. Hierdoor verschuiven ook de bijbehorende kapitaallasten naar latere jaren.
Op basis van de geactualiseerde investeringsplanning bepalen we op welk moment en in welke omvang aanvullende financiering nodig is. Doordat meerdere investeringen later worden gerealiseerd, hoeven wij ook later nieuwe leningen aan te trekken. Daarnaast heeft de gemeente door de positieve resultaten van de afgelopen jaren een sterke toename van de beschikbare liquide middelen. Deze ontwikkelingen samen zorgen ervoor dat de rentelasten in de komende jaren aanzienlijk lager uitvallen.
Gemeenschappelijke regelingen
De bijstelling voor de gemeenschappelijke regelingen bestaat uit twee onderdelen. Met het Werkbedrijf is afgesproken dat de middelen voor participatie uit het gemeentefonds één-op-één worden overgedragen. Deze bijdrage wordt geactualiseerd op basis van de meicirculaire. Daarnaast is de bijdrage aan de GGD bijgesteld op basis van de begroting van de GGD.
Pensioenvoorziening
Als gemeente houden we voor de verstrekking van wethouderspensioenen een voorziening aan. Per 1 januari 2028 wordt deze voorziening overgedragen aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). In het jaarrekeningtraject 2025 is berekend welke hoogte de voorziening moet hebben om aan de waardeoverdracht te kunnen voldoen. Op basis van deze berekening is tevens bepaald welk bedrag in 2027 nog moet worden bijgestort. De begrote storting is hierop aangepast. Vanaf 2028 vervalt deze begrote storting, omdat de gemeente vanaf dat moment niet langer verantwoordelijk is voor de pensioenen.
Overige autonome ontwikkelingen
Voor de begroting hanteren we het principe van realistisch ramen. We passen daarom geen algehele indexering toe op alle budgetten. Wij kijken daarentegen naar onderliggende contracten, prijsstijgingen van leveranciers, prognoses van aantallen (bijv. Jeugd en WMO), subsidieafspraken etc. Ontwikkelingen op dit gebied komen op verschillende momenten in het jaar en verwerken we telkens in het eerstvolgende product van de planning- & controlcyclus. De bedragen onder deze noemer betreffen de som van allerlei kleinere bijstellingen van budgetten, zowel voor- als nadelig.
Gemeentefonds
Meicirculaire
De bijstelling van de inkomsten uit het gemeentefonds volgen uit de meicirculaire 2026. In programma 1 worden de mutaties nader toegelicht.
Huishoudelijke hulp
Vanaf 2029 wordt de huishoudelijke hulp binnen de Wmo beëindigd. Dit leidt tot een uitname uit het gemeentefonds en daarmee tot een negatieve uitkomst in de meicirculaire vanaf 2029. Daar staat tegenover dat ook de lasten voor deze voorziening vervallen. Tegelijkertijd ontstaat voor de gemeente de verplichting om een vangnetregeling te organiseren. Voor deze opgave ontvangen gemeenten eveneens middelen via de meicirculaire.
De lasten die in onze begroting zijn opgenomen voor huishoudelijke hulp zijn hoger dan de uitname uit het gemeentefonds. Per saldo levert deze ontwikkeling daarom een voordeel op voor de begroting. Omdat nog niet bekend is hoe de vangnetregeling precies wordt ingericht, reserveren wij een deel van dit voordeel hiervoor. Daarbij gaan wij uit van dezelfde verhouding als tussen de middelen in de algemene uitkering voor huishoudelijke hulp en onze feitelijke uitgaven aan deze voorziening.
CDOKE
Voor de regeling Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid (CDOKE) is in het verleden een specifieke uitkering beschikbaar gesteld. Voor 2027 waren daarom inkomsten uit deze specifieke uitkering geraamd. Omdat de middelen inmiddels via de meicirculaire aan de algemene uitkering zijn toegevoegd, ramen wij de baten uit de specifieke uitkering af.
Voor 2028 en verder zijn in de algemene uitkering nog geen middelen opgenomen. Het Rijk heeft echter structurele financiering toegezegd. Daarom ramen wij vanaf 2028 zowel de baten als de lasten (budgetneutraa)l. Hoewel de middelen formeel nog niet in de algemene uitkering zijn verwerkt, staat de toezichthouder deze manier van verwerking in de begroting toe.
Strategische personeelsplanning
Door de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt, de vergrijzing en de toenemende complexiteit van gemeentelijke opgaven is extra structurele formatie noodzakelijk om onze taken goed te kunnen blijven uitvoeren. Uit de strategische personeelsplanning blijkt dat Beuningen nu al op meerdere plekken capaciteit tekortkomt, met name bij specialistische functies en bij taken die samenhangen met nieuwe wet- en regelgeving, digitalisering, veiligheid, dienstverlening en de warmtetransitie. Daar komt bij dat de organisatie de komende jaren te maken krijgt met een forse vervangingsopgave door pensionering en met een groeiende werkdruk. Ook vraagt een aantal dossiers om meer regie, continuïteit en professionele ondersteuning, omdat tijdelijke inzet of incidentele inhuur hiervoor onvoldoende is.
De extra middelen van circa 1,3 miljoen zijn daarom bedoeld om de formatie gericht uit te breiden op plekken waar structureel werk ligt en waar de maatschappelijke en wettelijke opgaven dat vragen. Daarmee zorgen we ervoor dat de uitvoering niet vastloopt, de kwaliteit van dienstverlening op peil blijft en de gemeente beter in staat is om tijdig in te spelen op toekomstige ontwikkelingen. Een deel van de inzet kan tijdelijk of via bestaande middelen worden gedekt, maar voor de structurele opgaven is aanvullende formatie nodig.
Inzet algemene reserve door dekking kapitaallasten
Door de positieve resultaten van de afgelopen jaren is de algemene reserve aanzienlijk toegenomen. Op basis van de jaarrekening 2025 kunnen we onze risico’s ruim drie keer afdekken met de algemene reserve. De door de gemeenteraad vastgestelde norm bedraagt 1,4.
Wij stellen daarom voor een deel van het overschot in te zetten voor de dekking van structurele lasten. Daarmee creëren we nieuwe ruimte in de begroting. In deze begroting gaan we uit van een inzet van 12 miljoen euro ter dekking van kapitaallasten. We hevelen 12 miljoen over van de algemene reserve naar de reserves dekking kapitaallasten. Dit leidt tot een structurele dekking van 300.000 euro.
Na deze onttrekking van 12 miljoen euro uit de algemene reserve blijft er nog steeds ruim voldoende ruimte beschikbaar voor de afdekking van onze risico’s, en voldoen we nog steeds aan de vastgestelde norm.
